|
|
|
 |

Over ons
Stichting Witte Mus is van mening dat de teruggang
van de populaties huismussen helemaal nergens voor nodig is. Er zijn simpele oplossingen.
De twee belangrijkste dingen die je nodig hebt zijn de wil en de moed
er iets aan te doen. Met de kennis kunnen wij u, of jou, helpen.
Hoe kunnen wij dat zomaar zeggen, als Vogelbescherming Nederland al jaren haar best doet de Huismus te helpen
er weer bovenop te komen ?
Dat kunnen we omdat wij zelf al sinds 2004 voor elkaar hebben dat een groepje van minder dan 10 huismussen
uit kon groeien naar een kolonie huismussen die aan het einde van hun broedseizoen uit honderden
individuen bestaat.
Deze voornamelijk jonge huismussen verspreiden zich in het najaar over de verschillende
provincies om Andijk, onze "standplaats", heen.
De grootste afstand die een huismus daarbij kan afleggen is in
1957 Franz Preiser (blz. 33)
gevonden: 545 km. U leest het goed. Ruimschoots tot in Duitsland of België.
In theorie kan 1 grote kolonie heel Nederland opnieuw bevolken met huismussen.
Of dat ook gebeurd is nog nooit onderzocht en blijft zodoende theorie.
De huismus-verspreidingskaart van de SOVON
zegt echter een heleboel.
U mag één keer raden waar de kolonie van Stichting Witte Mus zich bevindt.
De kennis die we, sinds de winter van 1997-1998, door onze ervaring met huismussen en hun biotoop
hebben opgedaan houden wij niet voor onszelf.
We delen het heel graag met u.
De makkelijkste weg voor ons is als u daarvoor ons
huismussenforum.nl gebruikt.
Alle daar verzamelde informatie is namelijk direct voor vele mensen tegelijk beschikbaar.
Na deze inleiding even terug naar het begin van de stichting.
De naam Stichting Witte Mus is niet zomaar gekozen.
In de zomer van 2005 zagen we hier op het erf, in de voortuin een heel mooi spierwit vogeltje zitten.
Het bedelde om voedsel bij een huismus-vrouwtje en kreeg het ook nog. Het kon dus niet missen en moest een witte mus zijn.
Dat was bijzonder.
De witte mus kroop uit het ei, een jaar nadat de huismus op de rode lijst van beschermde dieren was geplaatst,
wat haar nog meer bijzonder maakte.
In datzelfde jaar werd de Dominomus geschoten, was daar heel veel belangstelling van de pers voor
en kwam er een groot interview met onze voorzitter in het Noord Hollands Dagblad.
Want hier wemelde het van de huismussen.
De journalist, Erik Molenaar, had een bijzondere naam voor de witte huismus.
In dat najaar werd bij naaste familie een ziekte in het terminale stadium gevonden.
Ze leefde met onze mussen mee, en zeker ook met het witte musje.
De witte mus werd volwassen en vond haar eigen plek om te broeden. Dat was niet ons erf, maar ze kwam
wel iedere dag eten. Meestal op de voerplek bij de houtwal, waar de jonge vogels zich ieder jaar verzamelen.
In 2008 is de witte mus voor het laatst op ons erf gezien.
Al met al meer dan genoeg redenen om onze organisatie de naam Stichting Witte Mus mee te geven.
Om die zelfde redenen verzamelen we meldingen en foto's van witte mussen op ons
huismussenforum.nl en
hebben we een onderzoek naar het
verschijnsel "witte mus"
op huismussenOnderzoek.nl gezet.
In mei 2011 werd onze tweede witte mus gespot. Tot op heden (2juli2011) laat zij of hij zich hier dagelijks
een aantal malen zien. Om te eten, te badderen en met de andere jonge mussen mee te ravotten.
Op youTube staat een filmpje van de witte mus, uitgevlogen in 2011.
|
 |